Orhan Pamuk – De vrouw met het rode haar

Rostam en Sohrab

Turks verhaal over een moderne Oedipus.

“Wanneer de legenden je zo beroeren, kan het zijn dat ze je zelf overkomen”. Dit is een uitspraak van de vrouw met het rode haar, uit het derde en laatste deel van het boek. Het boek gaat over Cem, en over vaders en zonen. Cem’s vader verdwijnt al snel uit zijn leven, gevlucht als politieke dissident, of de liefde achterna. Cem blijft zich afvragen wat er van hem is geworden. Wanneer hij de Griekse mythe over Oedipus leert kennen, laat deze vertelling over een vadermoord hem niet meer los.

Later in zijn leven leest hij de Oosterse variant op dit Griekse drama: die over Rostam en Sohrab, waarin een vader – zonder dat hij het weet – zijn zoon vermoordt. Het verhaal komt uit het klassieke Perzische epos Shahnameh (Het boek der koningen) en ontroert Cem en zijn vrouw zoveel dat ze hun goedlopende zaak Sohrab noemen. Het kinderloze paar beschouwt hun bouwbedrijf als hun zoon. Het is dan ook misschien de goden verzoeken: de mythe van Oedipus wordt werkelijkheid.

Maar eerst gaan we terug naar zijn jeugd. Om zijn studie te kunnen bekostigen – hij wil schrijver worden – ging de zestienjarige Cem in de leer bij puttengraver Mahmut, die hem meenam naar het dorpje Öngören, niet ver van Istanbul, waar ze op een barre vlakte naar water gingen zoeken. De put werd met de hand geslagen en Mahmut was ervan overtuigd snel water te vinden. Cem was het harde werk niet gewend, maar voelde zich aangetrokken tot Mahmut, die als een strenge vader over hem waakte en bovendien een vat vol verhalen bleek. Ze gingen regelmatig naar het dorp om inkopen te doen en wat te drinken. Op een van die tochten zag Cem een vrouw met rood haar, die hem betekenisvol aankeek. Het hart van de jongen, die nog geen ervaring in de liefde had, vatte vlam en was reddeloos verloren: hij kon de vrouw niet vergeten en verzon steeds meer smoezen om naar het dorp te kunnen gaan. De vrouw met het rode haar bleek bij het rondreizende circus te horen dat die dagen in Öngören is neergestreken.
Was het vanwege de euforie van de liefde dat Cem zijn werk minder geconcentreerd deed? Er gebeurde een ongeluk en Cem rende met de staart tussen zijn benen terug naar zijn moeder in Istanbul, Mahmut achterlatend.

Het mysterie van zijn verdwenen vader en wat er van zijn leermeester is geworden blijft Cem zijn hele leven dwars zitten. Hij trouwt en blijft geobsedeerd door de verhalen over Oedipus en over Rostam en Sohrab. Hij bouwt een bloeiende bouwonderneming op, reist de wereld rond, maar probeert doelbewust uit de buurt te blijven van Öngören. Istanbul blijft echter maar uitbreiden en slokt alle dorpen rondom op. Zo ook het dorp waar in de buurt Cem zijn leermeester voor de laatste keer heeft gezien. Hij kan niet anders dan op een dag erheen gaan, waar hij zijn angsten onder ogen moet komen en hij zijn noodlot tegemoet gaat.

Het immer bewegende Istanbul, een haast onmogelijke liefde, de traditionele en moderne wereld en de kloof tussen Oost en West zijn welbekende thema’s in de boeken van de Turkse schrijver Orhan Pamuk. Ook in dit boek zijn ze duidelijk aanwezig: de uitdijende stad, Cem’s liefde voor een oudere vrouw, een bijna uitgestorven beroep zoals putten graven en de Griekse mythe naast het Perzische verhaal. Maar het grootste thema van dit prachtige verhaal is dat van de zoon en een afwezige vader.

Orhan Pamuk, die in 2006 de Nobelprijs voor literatuur kreeg, bewijst met dit boek dat hij nog steeds een meesterverteller is. Sprookjes, mythen, oude epossen en een nagelnieuw Oedipus-verhaal, het buitelt allemaal om elkaar heen en rondom het thema vader-zoon. Lijkt het eerste deel een tijdloos verhaal over de puttengraver en zijn leerling, in het tweede deel worden we ruw het heden ingetrokken, waar steden hele dorpen opslurpen. De ragdunne lijn van de liefde wordt pas zichtbaar gemaakt in het laatste deel. Wie anders dan Orhan Pamuk kan al deze oude verhalen zo mooi inkapselen en de verhaallijnen zo mooi uitspinnen in een moderne vertelling? Hij heeft wéér een meesterwerk aan zijn oeuvre toegevoegd.

Orhan Pamuk – De vrouw met het rode haar (Kirmizi Saçli Kadin, vert. Hanneke van der Heijden). De Bezige Bij 2017

Leestips
Van dezelfde auteur:
De nachten van de pest
Het museum van de onschuld
Istanbul
Sneeuw
De Heer Cevdet en zonen
Het nieuwe leven
Ik heet Karmozijn
Nog een Oedipus-verhaal:
Daisy Johnson – Onder het water