Cormac McCarthy – Meridiaan van bloed

Scalpenjagers

Heftige roman over een roadtrip van een moordende bende rond 1840 aan de Amerikaans- Mexicaanse grens.

Ik moet hem hebben gemist, deze uitgave uit 2015 bij de Arbeiderspers. Ik ben een groot fan van Cormac McCarthy, hoe donker zijn romans ook zijn. Hoe somberder, hoe beter ze bij de critici vallen. Ik vond bijvoorbeeld Suttree (1979) een hele donkere roman: over alcohol en mensen aan de zelfkant van de maatschappij, en geen zonnestraaltje te bekennen. Er zijn critici die dit zijn beste roman vinden.

Het eerste boek dat ik van deze schrijver las, was Geen land voor oude mannen (2005). Dat is een behoorlijk gewelddadig boek, een Quentin Tarantino op papier, maar het verhaal zo mooi verteld, met een goeie spanning, dat je meteen meer van deze schrijver wilde weten. Verpletterend beangstigend en toch heel indrukwekkend was zijn volgende roman De weg (2006), over een vader die zijn zoontje naar veilige oorden probeert te brengen, nadat er een apocalypse heeft plaatsgevonden op de wereld en ze door een verkoold landschap trekken, overlevend op spullen die ze in vernielde huizen vinden, zich verbergend voor rovende en moordende bendes. Misschien zijn deze twee boeken, de laatste die hij tot nu heeft geschreven, wel de meest toegankelijke van zijn oeuvre.

Vervolgens las ik De grenstrilogie: Al de mooie paarden (1992), De grens (1994) en Steden van de vlakte (1998), waarvan het eerste deel misschien wel mijn favoriet is. Meridiaan van bloed (1985), gaat dat niet worden: een behoorlijke heftig en bloederig boek, een beetje over de top, maar duidelijk de voorganger van de schitterende grenstrilogie, alhoewel er ook mensen zijn die juist deze al oudere roman zijn beste boek vinden.

Het is dan ook een boek dat, hoe gewelddadig de roadtrip ook is, vol staat met krachtige beeldtaal. Het gaat over een bende blanke mannen die achter indianen jaagt om ze te vermoorden. De zwerftocht door het noorden van Mexico loopt echter uit op de dood van iedereen die toevallig op het verkeerde moment hen voor de voeten loopt. Het begint met een veertienjarige jongen die van huis wegloopt en zich aansluit bij deze bende. Hij wordt de Kid genoemd, maar al snel treedt er een ander figuur op de voorgrond: de Rechter. De Kid houdt zich redelijk gedeisd en luistert en kijkt naar de oudere mannen, die steeds meer gaan lijken op een roedel bloeddorstige, hongerige wolven die hen meerdere malen achtervolgt.

De Rechter, duidelijk een geleerde en intellectuele man, in het begin nog geen eens de echte leider, verzamelt stukken natuur, houdt in een boekje bij welke mineralen de bodem bevat en andere zaken waarvan hij minutieus aantekeningen maakt. Af en toe houdt hij een morele preek tegen de mannen, over het leven of de natuur, of helpt hij kruit te maken om een indianeninval neer te slaan. Hij wordt gerespecteerd met al zijn kennis, meer nog dan de meedogenloze leider Glanton.

Cormac McCarthy is echter geen schrijver die zijn personages kneedt en de karakters uitbouwt. De introductie over de Kid is twee pagina’s lang en over de Rechter leren we ook niet meer dan wat hij in het verhaal uitvreet. McCarthy’s kracht ligt in de beschrijving van de gebeurtenissen en vooral van de dramatische natuur. Het zijn dan ook zoveel verschillende landschappen waar de heren doorheen trekken: meer dan ruige bergen, gevaarlijke ravijnen, gortdroge woestijnen, snel stromende rivieren, barre landschappen vol cactussen en andere stekelig struikgewas, door de plenzende regen, flitsende bliksemschichten, ijskoude sneeuw of de onbarmhartige hitte van de zon. En de paarden sjokken maar voort, van dorp naar woestijn, over bergkammen, naar dorp. Van de ene moordpartij naar de andere.

Het geeft je de kriebels, deze mannen die absoluut met niets en niemand mededogen hebben, alleen maar uit zijn op hun eigen gekte, onder het mom van een indianenjacht: elke scalp brengt tenslotte dollars op, maar het zijn niet alleen meer indianenscalpen die aan hun kettingen hangen… Terwijl je in de andere boeken van McCarthy best wel sympathie kan opbrengen voor zijn karakters, is dat in dit boek wel heel moeilijk. Zelfs de Kid, zo jong als hij is, neemt heel wat brute gewoonten over van de andere bendeleden. Ook al moet hij regelmatig kiezen tussen zijn en andermans leven.

Meridiaan van bloed is een bloedstollende tocht van een losgeslagen bende die op meer dan indianen alleen jagen. In een streek waar geweld aan de orde van de dag is en je je leven nooit zeker bent. Dankzij het prachtige schrijven van McCarthy voel je echter het stof dat over de bladzijden waait, schrik je van felle bliksemschichten, voel je de pijn van de gewonden, hoor je de kletterende paardenhoeven over keihard gesteente, zie je Mexico met zijn krakkemikkige huizen, zijn meer dan armoedige bevolking, de keuterboertjes, de bedelaars in de kleine steden, de rijken die de macht hebben, afgebrande nederzettingen, vergane huifkarren, vermoorde baby’s. Een ware apocalypse, waarin men buffels en indianen wilde uitroeien.

Nu is deze grensstreek tussen Amerika en Mexico nog steeds niet veilig, dankzij heftig concurrerende drugsbendes. De Chileense schrijver en dichter Roberto Bolaño heeft het in zijn meesterwerk 2666 over de ene na de andere moord. Maar wel op veel kleinere schaal als die van McCarthy.

Meridiaan van bloed is een indrukwekkend werk over zinloos geweld, met tot de verbeelding sprekende, magistrale beschrijvingen van de natuur, waar zowel indianen als losgeslagen cowboys doorheen trokken om de beschaving een kopje kleiner te maken. Net als Suttree is het een boek dat zo donker is dat je het wilt wegleggen, maar aan de andere kant zo mooi en onweerstaanbaar dat je het tot de laatste pagina uitleest.

Cormac McCarthy – Meridiaan van bloed (Blood Meridian, or the Evening Redness in the West, vert. Ko Kooman, De Arbeiderspers 2015

Leeslinks

Van dezelfde schrijver:

Suttree
De grenstrilogie
Geen land voor oude mannen
De weg

Geweld in het noorden van Mexico:

Robert Bolaño – 2666

Het uitroeien van bizons:

John Williams – Butcher’s crossing

Nog meer geweld in de literatuur:

Marlon James – Een beknopte geschiedenis van zeven moorden
Ryu Murakami – In de misosoep

Een luchtiger kijk op cowboys:

Patrick deWitte – De gebroeders Sister