Karina Sainz Borgo – Nacht in Caracas

Ik zal overleven

Venezolaanse roman over overleven in een stad vol geweld.

In 2016 werd Caracas, hoofdstad van Venezuela, uitgeroepen tot de meest criminele stad ter wereld. Het gevolg van armoede en een falende economie. Voedsel- en politieke rellen, je bent je leven niet meer zeker in een stad die wordt geregeerd door woede en overlevingsdrang.

Veel romans over de vroegere Zuid-Amerikaanse dictaturen gaan over wandaden van een staatshoofd en het leger, of over revolutionaire helden. Dit is een boek dat de hedendaagse terreur in Caracas beschrijft en wat de inwoners hebben te verduren, zelfs al zijn ze niet politiek gebonden. Een rauw verhaal over overleven.

Journaliste en schrijfster Karina Sainz Borgo is een van de miljoenen Venezolanen die hun land de rug hebben toegekeerd. Ze woont sinds 2006 in Spanje, dus heeft ze de ergste jaren niet zelf aan den lijve ondervonden. In deze fraaie debuutroman heeft ze er echter alles aan gedaan om de voortdurende angst en agressie van haar vroegere stadsgenoten in proza over te brengen. Even denk je dan ook in een autobiografische roman terecht te zijn gekomen. En wel in de nachtmerrie van Caracas. Namen van haar vijanden vind je niet, zoals Maduro, de actuele omstreden president van Venezuala, noch die van zijn tegenstander en betwiste nieuwe president, Guaidó. Er zijn alleen ‘Kinderen van de Revolutie’, motorbendes, losgeslagen soldaten en ander tuig die de dienst uitmaken in Caracas en chaos creëren.

De 38-jarige Adelaide Falcon is de vertelster, en begint met de begrafenis van haar moeder, een zachtmoedige vrouw met dezelfde naam. Vervolgens worden we in rap tempo ingewijd in het leven in Caracas, waar het geld per dag minder waard is, goederen nauwelijks of voor veel geld nog te verkrijgen zijn, waar Kinderen van de Revolutie zich steeds vaker gedragen als ordinaire plunderaars, waar elk moment een busje militairen op de stoep kan staan om je te arresteren, waar ‘s avonds de straten veranderen in bloederige slagvelden, het traangas als een tule gordijn over de stad neerdaalt en de kogels je om de oren vliegen.

Terwijl Adelaide treurt in haar appartement met deuren en ramen stevig gesloten, verzamelt ze spullen van haar moeder en wentelt ze zich in herinneringen over gelukkiger tijden. Adelaide’s vader was er al vandoor gegaan toen hij hoorde dat Adelaide’s moeder zwanger was. Zo groeide Adelaide op met alleen haar moeder en in het verre dorp Ocumare de la Costa twee tantes: Clara en Amelia, aan wie ze ook veel dierbare herinneringen heeft. Adelaide doet vertaal- en redactiewerk bij een uitgeverij, wat haar en haar moeder de mogelijkheid gaf nog enigszins waardig te overleven. Met de laatste reserves kan Adelaide de begrafenis betalen en nu staat ze er alleen voor. Ze vraagt zich af hoe ze zich alleen moet gaan redden, want vrienden hebben genoeg eigen zorgen, zoals haar vriendin Ana, die zich wanhopig afvraagt waar haar gearresteerde broer Santiago is gebleven. Wanneer Adelaide haar veilige haven kwijtraakt, gaat ze over op de overlevingsstand en doet ze dingen waarvan ze in haar stoutste dromen nooit had gedacht die te kunnen doen.

Adelaide is weemoedig wanneer ze over haar gelukkige verleden vertelt en over haar moeder. Haar stem wordt bitter en vol venijn wanneer ze het heeft over wat er van haar stad is geworden, dat vol aasgieren, rovers en moordenaars is. De beschrijvingen van de mensen om haar heen zijn genadeloos treffend, karikaturen die je onmiddellijk voor je ziet. De verschillende gebeurtenissen worden haarfijn verteld, zodat angst en spanning onder je huid kruipen. Het verhaal is rauw en beschuldigend. Haar taalgebruik is zo beeldend en prozaïsch, dat de roman, ondanks de donkere inhoud, een lust is om te lezen.

Dit is een sterk staaltje van fictieve non-fictie. Het is een literaire slag om herinneringen te verslaan. Herinneringen aan een geliefde moeder en een land, dat je hebt verlaten omdat er leven een onmogelijke zaak werd. Dit is het verhaal over de ontsnapping uit een hel. Zeker voor mensen die geïnteresseerd zijn in het lot van Venezuela.

Karina Sainz Borgo – Nacht in Caracas (La Hija de la española, vert. Arie van der Wal), Meulenhoff 2020

Leeslinks
Overleven in een guerilla oorlog:
Evelio Rosero – De vertrapten
Over een vroegere Venezolaanse revolutionair:
Lisa St. Aubin de Téran – Otto
Over Zuid-Amerikaanse revoluties en dictaturen:
Alonso Cueto – Het blauwe uur
Mario Vargas Llosa – De geesten van de Andes
Marcelo Figueras – Kamtsjatka
Isabel Allende – Het huis met de geesten
Gioconda Belli – Kroniek van liefde en oorlog