Timothy Findley – Pelgrim

Een pelgrimage in de tijd

Canadese roman over een man die behandeld wordt door Jung in Zwitserland omdat hij niet kan sterven.  

Het is enkele dagen nadat de Titanic is gezonken, in 1912. De kunsthistoricus Pelgrim heeft zich thuis in Engeland opgehangen, maar nadat de doktoren hem dood hebben verklaard komt hij weer tot leven.

Een tijdje later komt Pelgrim aan in de Zürichse psychiatrische kliniek Bürgholzi, waar Carl Jung de patiënt zo interessant vindt dat hij hem van zijn collega als patiënt aftroggelt. Dit doet hij met behulp van Pelgrim’s begeleidster/vriendin, de Engelse lady Quartermaine, die hem vertelt hoe mysterieus Pelgrim in haar leven kwam en dat Jung niet moet twijfelen aan wat Pelgrim zegt. Maar Pelgrim zegt juist niets. Alleen laat hij in zijn dromen namen vallen en wanneer Jung lady Quartermaine hiermee confronteert, biecht zij op in het bezit te zijn van Pelgrim’s dagboeken, die ze een voor een aan Jung te lezen geeft.

En zo leest Jung een nauwkeurig verslag van een tijd in Florence, waarin Savonola net de burgers van Florence op de knieën probeerde te krijgen voor God en waarin Michelangelo het portret van de Mona Lisa schilderde.

Jung probeert Pelgrim met dit verhaal te confronteren, maar Pelgrim blijft opgesloten in zichzelf, waardoor Jung zijn middelen om hem te bereiken moet intensiveren. Pas na een drama begint Pilgrim te praten. En dan komt er niet alleen een waanzinnig verhaal naar buiten, maar blijkt Pelgrim zo mondig dat de spanningen met Jung gaan oplopen.

Pelgrim is een meeslepende fictieve roman over een man die beweert het eeuwige leven te hebben en hiervoor in behandeling komt bij de beroemde Gustav Carl Jung. Het is een roman die vooral opvalt door het gebruik van zoveel mensen uit de bestaande geschiedenis: van de Trojaanse oorlog, Savonola, Michelangelo, de heilige Teresa van Avila, Oscar Wilde, Auguste Rodin, tot en met Carl Jung. Achter in het boek is een lijst opgenomen van de non-fictieve personen.

Gaat het in het begin van het verhaal over de vraag of het waar kan zijn dat Pelgrim inderdaad al zolang geleefd heeft als hij beweert, en wordt hij voor enigszins gek aangezien, de as van het verhaal draait zich langzaam om naar een gekte die zich van Jung meester maakt. Op het einde blijken misschien beide personen gek. Maar het boek weet alles wel zo te draaien dat het geen oplossing geeft over het enigma van de persoon Pelgrim en zijn eeuwige leven.

Findley bouwt zijn roman prachtig op met verhalen en vraagtekens. Hij laat je steeds verder wegduiken in een wereld vol mysteriën. Brieven met raadsels, dagboeken met verfijnde verslagen uit onze geschiedenis. Om deze te schrift gestelde epistels draait de verhouding tussen Jung en Pelgrim, die wanneer Pelgrim eindelijk praat, uitmondt in mondelinge schermutselingen die een abrupt einde hebben wanneer Pelgrim de kliniek weet te ontvluchten.

Rond deze twee hoofdpersonen bevinden zich hun ‘assistenten’: Jung heeft zijn collega’s in de kliniek zoals Kessler, die een ziekelijke fascinatie heeft voor alles wat vleugels heeft, inclusief engelen. Er is Jungs vrouw Emma, die ervoor waakt dat Jung gezond blijft en hem steunt in zijn theorieën. Was Jung in het begin van het boek een gevierde moderne arts na de publicatie van zijn boek over het collectieve geheugen, zijn collega’s geloven steeds minder in zijn theorieën.

Pelgrims assistenten zijn zijn vriendin lady Quartermaine, een mysterieuze rijke dame die hem in handen van Jung geeft, maar op enigszins geheimzinnige wijze er tussenuit knijpt, en zijn bediende Forster, die eeuwige trouw aan Pelgrim lijkt te hebben gezworen en met zijn gekte weet te leven.

Pelgrim is een boek met vele lagen en verrassende personages. De Canadese schrijver Timothy Findley, die al een hele lijst publicaties en prijzen achter zijn naam heeft staan, waarvan zijn eerste boek The wars in 1979 werd gepubliceerd, weet mooi te vertellen. Ondanks dat het een heikel onderwerp is – het eeuwige leven – weet Findley er geen zweverig verhaal van te maken in tegenstelling tot bijvoorbeeld Dief van de tijd van John Boyne. Findley verwerkt het gegeven van het eeuwige leven als een mooi mysterie in zijn boek. De spanning zit hem ook in de uitdaging voor Jung: gaat deze arts die zo bezig is met het geheugen Pelgrim ontmaskeren? Findley heeft de theorieën van Jung niet onnodig breed uitgemeten. Hij heeft de historische figuren niet verkracht, maar wel naar zijn hand gezet, zonder te overdrijven.

Kortom: een lekker dik ouderwets boek, dat een beetje de sfeer aangeeft van begin 1900 met de beroemde psychiaters Jung en Freud, die zeer toonaangevend waren in hun tijd, in zowel Oostenrijk, Zwitserland als Duitsland. Het boek trekt je mee in de kunstgeschiedenis (Michelangelo), maar het is bovenal goed en spannend geschreven.

Timothy Findley – Pelgrim (Pilgrim, vert. Pleuke Boyce), De Geus, 2002

Leeslinks
Over andere eeuwige levens:
John Boyne – Dief van de tijd
Bruno Maddox – Mijn kleine blauwe jurk
Een andere roman waarin Jung een prominente rol speelt:
Karsten Alnaes – Sabina
Over sanatoria:
Thomas Mann – De toverberg
Andrea Barrett – Levenslucht
Juan Carlos Onetti – Afscheid