Ingeborg Arvola – Het mes in het vuur

Het Wilde Westen van Samenland

Historische roman over een Finse vrouw die emigreert naar Noorwegen.

Mijn ouders gingen veel op vakantie naar Noorwegen en wat me daar vooral van is bijgebleven zijn de briefkaarten die ze stuurden, met vrolijk uitgedoste rendieren, en soms zelfs geborduurde kaarten met erop Lappen in kleurrijke kleding. Tegenwoordig mag je geen Lappen meer zeggen, maar zijn het Sami. Dit volk staat er om bekend dat ze door het koude landschap trekken om grote kuddes rendieren te hoeden. De Sami als cowboys van het hoge noorden. Maar net zoals in het Wilde Westen niet iedere cowboy met lasso’s achter verdwaalde koeien aanjaagt, zijn ook de Sami niet altijd bezig hele kuddes rendieren door de noordelijke nachten te drijven.

De lange tocht naar Pykeijä

Zo ook Brita Caisa Seipajærvi, een Sami vrouw uit het Finse Sodankylä, die wel een rendier heeft, maar dat is een geschenk omdat ze iemand had genezen van een ziekte. We schrijven 1856 wanneer Brita besluit om met haar twee zoontjes, de vierjarige Heikki en de twaalfjarige Aleksi, te vertrekken. Het dorp wordt haar te benauwd, ze heeft er een verleden. Ze besluit haar broer achterna te gaan naar Pykeijä, in het visrijke Ruija (Finnmark), het hoge noorden van Noorwegen. Daar is genoeg werk te vinden, en wie weet, ook een man, bijvoorbeeld een eerlijke visser met wie ze bed en werk kan delen en die een vader voor haar kinderen kan zijn.

Ze reist meestal met andere mensen, per ski, lopend, kinderen soms in de slee. Temperatuur gewoonlijk dik onder nul: een uitstekende reistemperatuur. De weg is lang, oneindig ver. Onderweg neemt ze baantjes aan op boerderijen en af en toe wordt haar hulp ingeroepen, omdat ze de gave heeft van heelmeester. Zo duurt het wel even voordat ze Pykeijä bereikt. Wanneer ze er aankomt, heeft ze Mikko al ontmoet, een man die samen met zijn vrouw Gretha een boerderij in Neiden leidt. Daar werkte ze een tijdje, ook de kinderen, daar zal ze later haar eigen boerderij beginnen.

In het jaar dat Brita eindelijk in Pykeijä aankomt, is de vis niet aan te slepen, zoveel wordt er binnengehaald. Brita staat de godganse dag vissen schoon te maken, waarna ze op rekken worden gedroogd. Het leven lijkt mooi en eenvoudig. Maar Brita heeft geen visserman meer nodig om mee te trouwen.

Emigranten in het hoge noorden

De familiegeschiedenis van de schrijfster Ingeborg Arvola is de voornaamste inspiratiebron voor het verhaal. Een groot deel van haar familie emigreerde naar Pykeijä. Dit Noorse dorpje aan het Varanger fjord, uitlopend in de Barentszee. kreeg de bijnaam ‘Hoofdstad van de Finnen’, wegens de vele emigranten die op het rijke viswater afkwamen. Ingeborg Arvola heeft er ook voor gekozen om alle plaats- en persoonsnamen in het Fins te houden, de taal van haar familie, ook al speelt het verhaal grotendeels in Noorwegen en zijn de Finse namen voor de lezer iets moeilijker om te onthouden of om uit te spreken.

Het mes in het vuur is een prachtig historisch relaas over emigranten uit die tijd. Niet alleen Amerika werd onder de voet gelopen door kolonisten, ook in dit noordelijke deel van Europa waren hele volksstammen op zoek naar een stukje grond en een nieuw leven. Om dit te kunnen bekostigen werd er gewerkt in de visserij die, wanneer de vissen massaal toehapten, je rijk konden maken. In de boeken in Pykeijä staat Brita Caisa Seipajærvi met haar twee zonen officieel genoteerd als immigrante in het jaar 1859. Of de rest van haar verhaal ook ergens staat genoteerd, is niet duidelijk.

De gevallen vrouw

Het boek zit vol historische beelden, over hoe de boerderijen van toen er uitzagen en wat er voor werk werd gedaan, over het reilen en zeilen in een vissersdorp, over emigratie en ja, ook een beetje over racisme. Er wordt over politiek gesteggeld en, niet onbelangrijk, hoe de rechtspraak in die tijd functioneerde. Maar dit slechts als kader voor het verhaal van Brita, de gevallen vrouw die van plan is een goede vrouw te worden, ook al probeert de liefde daar een stokje voor te steken.

Ingeborg Arvola is in Noorwegen een gevierd schrijfster van onder andere kinderboeken. Ze hanteert een beeldrijke stijl van schrijven die goed wegleest en bij vlagen zelfs poëtisch is. Ze laat fictie en geschiedenis naadloos in elkaar overlopen. Voordat je het beseft ben je in een historische roman beland, over een alleenstaande vrouw midden tussen de emigranten, waar met prachtige zinnen wordt verteld over de noordelijke wereld, de planten, de dieren, de mensen, alsof je samen met Brita door het landschap trekt. De laatste jaren zijn er best wel wat romans verschenen die spelen in Samenland, maar misschien is dit wel historisch de rijkste én de mooiste roman. Het zou het eerste deel van een trilogie zijn: verhalen uit het Noordpoolgebied. Hopelijk laat Ingeborg Arvola ons niet te lang wachten op een volgend deel.

Ingeborg Arvola – Het mes in het vuur (Kniven i ilden, vert. Rymke Zijlstra), De Bezige Bij 2024

Leestips:
Spelend in Samenland:
Ann-Helén Laestadius – Slechts een diefstal
Petra Rautiainen – Land van sneeuw en as
Juhani Karila – De jacht op het snoekje
Leven in een noordelijk gelegen IJslands vissersdorp:
Jón Kalman Stefánsson – Het verdriet van de engelen
Het harde boerenleven in de kou:
Halldór Laxness – Onafhankelijke mensen
Vreemdgaan:
Benoîte Groult – Zout op mijn huid