Claudio Morandini – Sneeuw, hond, voet

De lawine

Italiaanse novelle over een kluizenaar en een hond.

De bergen zijn populair geworden in de Italiaanse literatuur. Vooral Paolo Cognetti schudt de bergromans zo uit zijn mouw. Cognetti’s boeken ademen een beschaafde schoonheid uit en de personages die de bergen betreden zijn verstandige mensen die de besneeuwde reuzen omarmen als een geliefd speeltje.

Claudio Morandini heeft ook al een aantal boeken op zijn naam staan, waarvan Sneeuw, hond, voet eruit springt wegens een literaire prijs (Premio Precida) en vertalingen in diverse talen. Niet al Morandini’s boeken spelen op eenzame alpenweiden, maar in dit bekroonde boek gaan we wel de hoogte in. Vanaf het begin is al duidelijk dat het verhaal ruigere kanten zal hebben dan de verhalen van Cognetti.

De oude man Adelmo Farandola, die als een kluizenaar in een berghut woont, daalt af naar het dorp om provisies te halen voor de lange winter die voor de deur staat. Vreemd genoeg hoort hij van de winkelierster, de enige dorpeling die hij ziet, dat hij niet lang geleden ook al spullen had ingeslagen voor de naderende sneeuwperiode. Zo wordt het voor de lezer duidelijk dat Adelmo’s gezondheid niet helemaal is wat het had moeten zijn: een oude man met beginnende Alzheimer. De zelf opgelegde eenzaamheid is geen gevolg van een ziekte, maar meer van een excentrieke man die zelfs met dorpsgenoten praten al een stap te veel vindt. Ooit kwam hij nog van de berg af om tijdens de feestdagen naar de fanfare te luisteren, verstopt achter een muurtje, maar ook dit genoegen gunt hij zichzelf niet meer.

Het is een oude, vieze man: al heel lang niet gewassen, laat staan schone kleren aangetrokken. Haren nooit gekamd. Maar daar heeft hij zelf geen last van. Wanneer er een schonkige hond komt aanlopen, wil Adelmo niets met het dier te maken hebben. Maar de hond heeft een baasje nodig en wijkt niet meer van de alpenweide. De volhouder wint.

Het wordt nog drukker op de weide: er komt een boswachter te voorschijn, die achteloos vraagt of Adelmo wel een jachtvergunning heeft en waarom zijn hond niet is gemuilkorfd. Uiteraard is Adelmo wars van gezag en papieren en probeert de man te ontlopen.

Dan breekt de winter aan, die de man en hond amper overleven: de proviand was maar goed voor één man; de hond moet natuurlijk ook eten. De lente brengt niet alleen eten maar ook een verrassing in de sneeuw. Het maakt Adelmo nog onzekerder dan hij al was.

Ik moest denken aan de Zwitserse roman De grote angst in de bergen van Charles-Ferdinand Ramuz, ook een verhaal dat speelt op een eenzame alpenweide en dat ook een slechte afloop kent. Ramuz heeft hierbij nog meer oog voor de onbarmhartige natuur. Morandini legt het accent op zijn hoofdkarakter Adelmo, de relatie met de hond en het afbrokkelende leven met Alzheimer. Het is bovendien een compact verhaal, maar best wel heftig: de waanzin slaat toe en dat laat de lezer niet onberoerd. Het is een klein verhaal dat moeilijk weg te leggen is. Niet bepaald een ‘feel-good’-verhaal, maar wel een boekje dat beslist indruk maakt vanwege de sterk opgebouwde spanning die vanaf de eerste bladzijde als dunne mist opkomt. En het toch wel innemende karakter van een einzelgänger die een hond als gezelschap accepteert.

Kortom: een prachtig boekje dat vlot wegleest en lang blijft hangen.

Claudio Morandini – Sneeuw, hond, voet (Neve, cane, piede, vert. Hilda Schraa en Manon Smits), Koppernik 2021

Leeslinks:
Daar op de berg:
Charles-Ferdinand Ramuz – De grote angst in de bergen
Jochen Rausch – Oorlog
Thomas Willman – Het duistere dal
De wat aardiger bergen:
Mauro Corona – Als een steen in de stroom
Paolo Cognetti – De acht bergen
Paolo Cognetti – De buitenjongen
Arno Camenisch – De Sez Ner trilogie
Sneeuw en bergen:
Jón Kalman Stefánsson – Het verdriet van de engelen
Het onzekere geheugen wegens alzheimer:
Alice LaPlante – Hersenspinsels