Paolo Cognetti – De buitenjongen

Charmante voorloper van De acht bergen

Italiaanse roman over man die een time-out in de bergen neemt.

Dit is duidelijk het boek dat heeft geleid tot Cognetti’s grote succes De acht bergen. Je voelt het aftasten van natuurbeschrijvingen, de Italiaanse alpen en zijn bewoners. Het is minder krachtig, minder verlokkelijk dan zijn saga van een man die probeert zijn vader te doen herleven en zijn jeugdvriend opzoekt, die de bergen onder geen beding wil verlaten. Avontuur, ontberingen, vriendschap, koppigheid en een zoektocht naar de ware aard van een vader, thema’s die de lezer, naast de schitterende natuurbeschrijvingen, aan het boek gekluisterd hielden.

Maar ook deze kleine roman heeft zijn charme. Het is veel realistischer en minder een verhaal van weemoed. De buitenjongen is een schrijver met een schrijversblok die zich terugtrekt in een berghut. Hij arriveert in de lente wanneer de natuur de sneeuw zachtjes wegduwt en hij gaat weg wanneer de eerste sneeuwvlokken weer naar beneden dwarrelen. Maar het is bij lange na geen uitgestorven landschap waarin hij zich begeeft. Een dorp met kroeg en winkels is niet ver, de boeren rijden af en aan in hun grote 4WD’s en de schrijver knoopt vriendschappen aan met honden, een eigenzinnige herder en de eigenaar van de hut waarin hij verblijft. Er is geen spoor van de romantiek en ruigheid van de wildernis van de bergen, zoals beschreven in De acht bergen. De schrijver heeft de berg niet voor zich alleen, moet hem zelfs delen met picknickende toeristen die hoog zomer verkoeling komen zoeken. Kortom, een realistisch plaatje van de tegenwoordige bergen.

De buitenjongen verkent de bossen, afgelegen berghutten, is een beetje bang alleen in de nacht voor de onbekende geluiden van de hut, maar slaat zich dapper door alles heen. Eenzaamheid komt niet aan de orde. Meer een nieuwsgierigheid naar het leven op de berg.

De boeken die hij mee naar de berghut heeft gesleept zijn van mensen die hun ervaringen over het overleven in de natuur op papier hebben gezet. De bijbel uit deze reeks is Walden van Henry David Thoreau, die zich twee jaar lang terugtrok in een huisje aan een meer. Hij bestudeerde de natuur, dacht na over zijn leven en filosofeerde over een betere wereld. Het heeft veel mensen geïnspireerd het buitenleven op te zoeken: dichter bij de natuur, dichter bij jezelf.

Ook Chris McCandless volgde in de voetsporen van Thoreau. Hij trok de wildernis van Alaska in, waar hij in een oude bus probeerde te overleven. Hij heeft het echter niet na kunnen vertellen, dat hebben anderen voor hem moeten doen: Jon Krakauer – Into the wild.

Ik denk niet dat Cognetti noch zijn alter ego uit was op een overlevingsperiode. Meer een bezinning of een zoektocht naar een mooi verhaal. Zijn eigen stem komt schoorvoetend op gang in De buitenjongen, maar het is zeker dat die echt tot bloei is gekomen in De acht bergen.

De buitenjongen is een charmante voorloper van De acht bergen: lichtvoetig, bedeesd, voorzichtig. Het boek is het zeker waard gelezen te worden.

Paolo Cognetti – De buitenjongen (Il ragazzo selvatico, vert. Yond Boeke en Patty Krone), De Bezige Bij 2018

Leeslinks

Van dezelfde schrijver:

Sofia draagt altijd zwart
De acht bergen

Over andere mannen die zich terugtrokken op een berg:

Jochen Rausch – Oorlog
Tim Parks – Buiten bereik

Voor de winter ingesneeuwd:

Thomas Willman – Het duistere dal

Het leven in de bergen:

Charles-Ferdinand Ramuz – De grote angst in de bergen
Arno Camenisch – Sez ner trilogie