Eduardo Halfon – De Poolse bokser

De dolende schrijver

Semi-autobiografische verhalen over afkomst en identiteit.

Viet Thanh Nguyen stelde in zijn indrukwekkende roman De Sympathisant duidelijk een dualiteit  van afkomst en identiteit aan de orde. Ook Eduardo Halfon heeft deze worsteling als thema in zijn eerste roman.

Eduardo Halfon werd geboren in Guatemala, studeerde in Amerika, ging terug naar het onderwijs in Guatemala en verdeelt nu zijn tijd tussen deze twee landen. Maar de roots van Halfon gaan veel dieper de wereld in: één grootmoeder was een dochter van Syrische ouders die uit Aleppo waren gevlucht en in Amerika terechtkwamen, waarna kinderen werden geboren in Mexico, Panama, Cuba en Guatemala. Één grootvader kwam uit Libanon. Hij en zijn zeven broers en zussen waren in het begin van de twintigste eeuw uit Beiroet gevlucht en elke broer of zus zou zich in een andere stad vestigen: Parijs, Guatemala City, het federale district van Mexico-Stad, Cali, Lima, Havana, Manhattan en Miami. Zijn andere grootvader, die een rol speelt in dit boek, was een joodse Pool. En zo worstelt Halfon met de joodse en Guatemalteekse identiteit.

Er zit misschien geen echte, rechte lijn in het verhaal. Toch botsen we telkens op terugkerende thema’s en personen, die rond identiteit draaien. Niet alleen van de schrijver zelf, maar ook van de Servische zigeunerpianist Milan Rakiç, die als een ontheemde nomade door het boek zweeft. Hij was noch een volbloed zigeuner wegens zijn genen, noch een Serviër wegens zijn zigeunerbloed.

Het boek kent drie hoogtepunten: de begrafenis van Eduardo’s joodse grootvader in Guatemala, waarbij tal van joodse gebruiken de schrijver verwonderen en de vraag of zijn grootvader niet had gelogen met zijn verhaal over een Poolse bokser die in Auschwitz zijn leven redde.
De bruiloft van zijn zus in Tel Aviv. In tegenstelling tot hem en zijn broer omarmde zij het jodendom en nu gaat ze trouwen met een streng-orthodoxe jood. Eduardo ergert zich steeds meer aan zijn aanstaande schoonbroer en zijn strenge geloof.
De zoektocht naar Milan Rakiç in Belgrado. Na het ontvangen van tientallen cryptische ansichtkaarten van over de hele wereld, besluit Eduardo op zoek te gaan naar deze mysterieuze pianist, waarbij hij in bijna Kafkiaanse taferelen belandt. Het blijkt een missie die bijdraagt aan de zoektocht naar zijn eigen identiteit.

Het boek sluit met een dagje uit naar de Dode Zee met Tamara, een Israëlische vriendin, die hem naar zijn dromen vraagt. De andere vrouw in zijn leven, Lía, is zijn vriendin in Guatemala, met wie hij de pianist heeft ontmoet en die haar orgasmes in tekeningen bijhoudt.

Ook al sluiten niet alle verhalen op elkaar aan, vanaf de eerste pagina’s raak je gehecht aan de intense vertelstem van Halfon, waarna je al snel verbanden probeert te leggen tussen de verschillende hoofdstukken (die er niet altijd zijn). Halfon is een uitstekend observator, die de scènes beeldrijk vertelt. Hij verrijkt zijn verhaal bovendien met talloze kleine verhalen over zigeuners en joden, maar ook over muzikanten, componisten en schrijvers.

Het boek begint met het verhaal over een van zijn beste studenten literatuur, die indrukwekkende poëzie schrijft, maar die na zijn vaders dood zijn studie opgeeft om op zijn geboortegrond voor zijn familie te zorgen. Hij heeft voor zijn familie gekozen. Het boek eindigt met Eduardo, die met Lía tijdens het dagje uit haar probeert te overtuigen dat het gerechtigd is om je afkomst te verloochenen wanneer je daarmee je leven kan redden.

En zo eindigt dit boek vol mozaïekstukken met een vaag vraagteken, waar elke lezer zijn eigen ding uit kan halen. Eduardo Halfon komt over als een dolende ziel in een wereld van zoektochten. Of hij met het schrijven van dit boek antwoorden heeft gekregen op zijn vragen, valt nog te bezien. Ook al neemt hij een besluit, de antwoorden die hij kreeg op zijn zoektochten zijn niet allemaal even helder, net zoals we misschien nooit zullen weten wat de Poolse bokser Eduardo’s grootvader vertelde.

Welke identiteit deze Guatemalteekse schrijver ook aanhangt, het is een feit dat hij goed kan vertellen en een bron is vol levendige verhalen die hij als suikergoed om zich heen strooit. Verhalen over identiteit en afkomst, over overleving. Is dat niet waar het leven om draait?

Eduardo Halfon – De Poolse bokser (El boxeador polaco, vert. Lisa Thunnissen) Wereldbibliotheek 2019

Leeslinks
Over een gespleten identiteit:
Viet Thanh Nguyen – De Sympathisant
Over de joodse identiteit in Zuid-Amerika:
Nathan Englander – Het Ministerie van Buitengewone Zaken
Een zoon van Amerika of van Israël?
Jonathan Safran Foer – Hier ben ik